DE DORPEN IN DE DOGON
Voordat u de dorpen bezoekt, is het gebruikelijk om eerst het dorpshoofd (Dougou-tigi) te begroeten en hem een handvol kolanoten te geven.
De rots strekt zich uit over meer dan 200 kilometer. Als u dorpen op het plateau en langs de voet van de rots zou willen bezoeken, startend in Mopti zou u de volgende plaatsen tegenkomen:
Songo:
in Songo worden de jongens besneden bij “Kondi Pegue”; een plek waar heel veel
rotstekeningen te zien zijn en waar de jongens ook onderricht worden over de
Dogon cultuur.Kondi Pegue is de enige plaats in Afrika waar rotstekeningen
worden gemaakt tijdens het besnijdenisritueel. Niet ver van deze plek met de
rotstekeningen zijn een paar rotsspleten, waarin allerlei muziekinstrumenten,
gemaakt van kalebassen, worden bewaard. De instrumenten zijn gemaakt door de
jongens en zij bespelen ze ook. Voorbijgangers geven hen dan geld of iets te
eten. Iedere keer wordt het mooiste muziekinstrument bewaard.
Kani Kombolé:
een klein dorp op een schaduwrijke plek op de zandvlakte; het heeft een prachtig
moskeetje. Het wordt het meest bezocht als de trektocht vanuit Bankass start.
Teli:
Endé:
is vergelijkbaar met Telí, maar aanzienlijk groter. De graanhuisjes zijn hier
nog indrukwekkender qua versiering, maar zijn meer vervallen. Helemaal naar
boven klimmen wordt daarom afgeraden, maar je zou wel een bezoek aan de Hogon
kunnen brengen (een Hogon is een spirituele leider). Je mag hem in geen geval
aanraken; ook zijn stoel niet, want die doet ook dienst als altaar. In de
kalebas, die bij zijn voeten staat, kun je wat geld of kolanoten leggen om hem
te bedanken.
In Ende is ook veel te doen op het gebied van het verven en spinnen van katoenen
garens; daarna worden ze geweven en worden de bogolans beschilderd.
Er zijn ook houtbewerkers die allerlei houten beeldjes maken. In het dorp is een
klein museum.
Djiguimombo:
is een dorpje waar de huizen zijn gemaakt van bakstee. Je vinder een toguna (het
praathuis voorde dorpsoudsten), een menstruatiehuis en een mooie Ginna Bana (een
tempel). Het is groter dan de doorsnee gebouwen en het bevat een altaar,w aar de
grondleggers van het dorp worden geëerd. Aan de buitenkant van de voorgevel;
zitten 8 nissen, die de 8 Dogon voorouders representeren. In de nissen zijn
dingen geplaatst.
Bagourou:
Yabatalou:
Benigmato:
Dioundouoru:
een nogal zanderig pad leidt naar het dorp; dat is voor de volhouders. je kunt
ook omhoog klimmen via de rots. Als je eenmaal bent aangeland heb je een
fantastisch uitzicht
Guimini:
Indelou:
Konsogou:
Konsogou-Do en Konsogou-Le liggen respectievelijk op het plateau en op de rand
van de rots.
Dourou.
Het is luidruchtiger dan de andere dorpen; de volwassenen en kinderen kunnen
soms volhardend overkomen. Maar ondanks dat is het de beste plek om indigo
dekens te kopen. Je kunt ook zien hoe de vrouwen de dekens verven. En op de
marktdag worden er voornamelijk uien verkocht.Het dorp kan met de auto worden
bereikt vanaf Bandiagara / Benigmato.
Nombori:
Idyeli Na:
Je zult onderweg heel veel groentetuintjes en uienveldjes zien.Volgens de
legende vond de stichter van het dorp een waterval en een vijver met een grote
vis er in. Na 10 dagen liet de vis zich nog niet vangen. De man vond een ui en
een dag later een tomaat en de volgende dagen steeds meer groente. De man nam
alles mee en begon ze te planten en zo werd hij de eerste boer van de regio.
Komokani
:Tireli:
is een van de meest spectaculaire Dogon dorpen; de huizen met hun gepunte daken,
die tegen het gebergte opkruipen. Tireli is ook bekend om hun pottenbakkers (die
voornamelijk werken in april en mei,vlak voor het regenseizoen) en om hun
maskerdansen.
Amani:
is bekend om de kleine vijver met de heilige krokodillen; als je foto’s wilt
nemen betaal je anderhalve euro. Amani is voor de Dogons van grote betekenis
want vlakbij worden de heilig maskers bewaard, die gebruikt worden voor het
Sigui festival (dat wordt eens in de 60 jaar gehouden). Eerstvolgende datum:
2027
Er is ook een school gebouwd door de Nederlandse architect Joop van der Stigt”;
“monsieur Joop” zoals hij hier wordt genoemd.
Ireli:
Banani:
is een van de toegangsdorpen tot de Dogon en heeft een beetje van alles. Tellem
architectuur, begrafenisgrotten, graanhuisjes, togunas enz. Een goede plek om
alvast de smaak van de Dogon te pakken te krijgen. Als je hier aan komt ná een
trekking dan kan het wel eens wat toeristisch aan doen.Je kunt Banani op twee
manieren bereiken/verlaten: via de gewone weg of via een steil, maar prachtig
voetpad. Banani stond op het biljet van 1000 Cfa. tot aan 1984
Sangha:
Arou:
is de plaats waar de hoogste Hogon woont. De hoge Hogon is de belangrijkste
beslisser voor de Dogon en wordt in politieke zaken geconsulteerd als een
representant voor de Dogon.
Je moet een redelijke klim maken op de Ginna (het huis van de Hogon) te bereiken.
Aan de voet van de baobab boom is een cirkelvormig pad, dat je met de klok mee
moet in lopen. De andere kant op is alleen voorbehouden voor mensen met een
speciale status. De Hogon zal of in de ginna zijn of in de toguna. Om de Hogon
te bedanken kun je hem wat geld geven of een aantal kolanoten.
De tempel van Arou is de grootste van de Dogon. Het heeft 9 ronde punten op de
top van de rechthoekige gevel, met daarop 8 “struisvogeleieren” op de punten.
Boven de deur zijn 8 openingen, die de 8 Dogon voorouders voorstellen.
Ibi:
het dorp ligt wijd verspreid en is minder toeristisch dan Koundou. Je
kunt de Hogon bezoeken, die in een beschutte plaats onder een soort rots-veranda
zit.
In de vijvers aan de voet van het dorp leven een paar heilige krokodillen in de
schaduw van mangobomen. In een beekje bij Boboye, (een uurtje wandelen vanuit
het dorp) kun je meervallen vangen.
Koundou:
is een groot, niet-islamitisch, dorp met ongeveer 250 inwoners. Omdat het echt
tussen de rotsen ligt, is het moeilijk te bereiken. De inwoners zijn meestal
boeren. In de ochtend komen de Peulvrouwen naar het campement om melk e verkopen.
Als je het ze vraagt, zullen ze voor een foto willen poseren. In en rond het
dorp vind je prachtige Dogon architectuur.
de 3 Yougos:
Yendouma:
Tiogou:
op weg naar Yendouma zul je waarschijnlijk Tiogou passeren. Net voordat je het
dorp, waar iedereen animistisch is, de enorme groentetuinen zien, waar veel
mensen aan het werk zijn. Ze kunnen in de schaduw van een grote groep mangobomen
uitrusten. Het is hier heel vredig, want er is geen ander dorp in de buurt.
Het kleurrijke geheel van de vallei met de rode aarde en het groen van de
uienvelden geeft een mooi contrast met het zwart van de rotsen en de gele velden
Damasongo:
is een heel traditioneel dorp omgeven door uienveldjes.
Yenda:
olgens de traditie komen de heilige krokodillen hier om te sterven.
Bamba:
bestaat uit een aantal nogal ver van elkaar liggende gehuchten, onderaan de voet
van de rots. Het heeft een van de belangrijkste markten van de Dogon.Van hieruit
kunnen de andere dorpen, die verspreid op het plateau liggen of verborgen zijn
tussen de rotsen, bezocht worden.
Kendie:
Deze gemeenschap bestaat uit 35 dorpen. Het strekt zich uit over een groot
zandsteenplateau; het terrein is erg ruw en is bezaaid met allerlei valleien en
rotsen, waarop de dorpen zijn gebouwd. Bijna iedere familie heeft wel een paar
stuks vee. Huisarbeid beperkt zich tot een paar traditionele beroepen zoals
wevers, smeden en beeldhouwers.
Het reizen tussen de dorpen kan alleen maar te voet via zandpaden.
Er is bijna geen toerisme op het plateau van Kendie en dat houdt dus in dat er
dus geen hotels of campements zijn. Maar recent is er een weg geopend tussen de
stad en Bandiagara en dat maakt dat alles wel iets gemakkelijker bereikbaar is
geworden.
Er zijn meer wandelroutes, dus als je vanaf Kendie iets wilt gaan doen betekent
dat dat de andere dorpen (tot aan Borko) alleen maar via de natuurlijke Dogon
ladders te bereiken zijn.
Borko:
Tintam:
Dit nogal afgelegen dorp ligt op het plateau en is moeilijk te bereiken. De
architectuur en de beeldhouwwerken in het dorp zijn prachtig en werden beïnvloed
door verschillende culturen. Aan de buitenrand van het dorp zie je de ijzerhopen
en oude stukken brandovens; dat zijn de overblijfselen van een bloeiende
metaalindustrie. IJzer werd gebruikt voor het vervaardigen van wapens en
landbouwwerktuigen.
Deze 2 dorpen zijn eigenlijk het begin- of eindpunt van een trektocht:
Bankass:
Bandiagara:
